Klantenservice
0
Sluiten
    Woensdag 28 Januari 2021

    Hoe behandelt u patiënten met het carpaal tunnel syndroom?

    Het carpaal tunnel syndroom komt vooral voor bij mensen tussen de 40 en 60 jaar. Van de mensen met deze aandoening is maar liefst 94% vrouw. In deze blog leest u wat het carpaal tunnel syndroom precies is, waardoor het wordt veroorzaakt en hoe patiënten met CTS kunnen worden behandeld. Daarnaast zullen er een aantal oefeningen worden gegeven die patiënten voor thuis kunnen gebruiken, om hun klachten te verminderen!

     

    Wat is het carpaal tunnel syndroom (CTS) precies?

     

    Het carpaal tunnelsyndroom is een aandoening aan de binnenzijde van de pols. In de binnenzijde zit een tunnel waar zenuwen en pezen doorheen lopen: de carpale tunnel. Wanneer deze tunnel te nauw is, raakt een zenuw in de knel. Deze zenuw heet de nervus medianus. De klachten die vaak optreden zijn tintelingen, pijn en gevoelloosheid in de vingers (behalve de pink). Ook kan de beknelling leiden tot minder kracht in de hand of verkramping. De pijn in de pols kan uitstralen naar de onderarm, elleboog, bovenarm of schouder. De klachten bij CTS treden met name ’s nachts op, wat ertoe lijdt dat mensen veel wakker liggen ’s nachts. Bij vrouwen ontstaan de eerste klachten vaak tijdens de zwangerschap of aan het begin van de overgang. CTS kan aan beide handen tegelijk voorkomen.

     

    Waardoor wordt het carpaal tunnel syndroom veroorzaakt?

     

    Het is niet bij alle patiënten duidelijk wat de oorzaak is van het carpaal tunnel syndroom. De oorzaken kunnen zijn:

     

    • Het lichaam van de patiënt houdt te veel vocht vast door hormonen. Dit zal vooral zijn bij zwangere vrouwen of vrouwen die in de overgang zitten.
    • De pols is gebroken of verstuikt
    • Er zit een zwelling (ganglion) op de pols
    • De patiënt heeft diabetes
    • De patiënt heeft reuma
    • De patiënt maakt veel dezelfde bewegingen in hun werkzaamheden, zoals computerwerk

     

    Bent u benieuwd welke steunmaatregelen er in 2021 voor fysiotherapeuten gelden? Lees dan hier onze blog!

     

     

    Hoe kan een patiënt met CTS worden behandeld?

     

    Een behandeling is niet altijd nodig bij CTS. Bij één op de vier gevallen gaat het carpaal tunnel syndroom vanzelf over. Wanneer een patiënt lichte klachten heeft zal de focus van een behandeling vooral liggen op het verminderen van de pijn. Er zal dan worden geadviseerd om ’s nachts een spalk te dragen en de hand zo min mogelijk te gebruiken, zodat hij kan rusten. De spalk zorgt ervoor dat de pols in een positie blijft liggen waarbij de zenuw nervus medianus het minst bekneld wordt. Het dragen van een spalk zou binnen 6 weken moeten zorgen voor een vermindering van de klachten. Mocht dit niet helpen, dan kan er worden overgaan tot een lokale injectie.

     

    Bij ernstigere klachten kan fysiotherapie helpen. Fysiotherapeuten kunnen patiënten met CTS op verschillende manieren helpen:

     

    • Warmte/koude behandeling om de pijn te verlichten.
    • Oefeningen uitvoeren om de kracht van de spieren in de hand, vingers en voorarm te vergroten.
    • Stretchoefeningen uitvoeren met de patiënt om de flexibiliteit van de pols, de hand en de vingers te verbeteren.
    • Training om een juiste houding en positie van de pols aan te nemen, om zo compressie van de carpale tunnel te voorkomen.
    • Bij veel klachten, een tijdelijke brace adviseren.

     

    Wanneer de klachten zeer ernstig zijn, is een chirurgische ingreep onvermijdelijk. De arts maakt dan meer ruimte voor de zenuw in de pols. Echter is de operatie geen garantie voor een volledig herstel.

     

    Oefeningen die de patiënt thuis zelf kan uitvoeren

     

    Onderstaande oefeningen worden vaak door de fysiotherapeut aan patiënten aangeraden met als doel pijnverlichting en vermindering van irritatie

     

    1. Rekoefeningen met de pols:

     

    • Stretchen van de polsbuiger: Strek een arm omgedraaid naar voren, met de handpalm naar het plafond toe. Buig vervolgens met de andere hand de vingers naar beneden.
    • Polsrotaties doen: Maak een vuist van je hand en steek vervolgens je wijs- en middelvinger vooruit. Teken met deze vingers cirkels in de lucht, afwisselend tegen de klok in en met de klok mee.
    • Knijp met je hand in een bal: Houd dit 5 seconden zo vast en laat dan los. Herhaal dit 5 keer.

     

    2. Rekken met de vingers en duim:

     

    • Stretchen van de vingers: Stretch je vingers uit en hou dit 5 seconden vast. Herhaal dit een aantal keer.
    • Stretch de duimen: Doe je vingers bij elkaar en pak je duim vast met je vrije hand. Trek vervolgens de duim voorzichtig naar achteren. Hou dit 5 seconden vast en herhaal dit een aantal keer per hand.
    • De duim strekken onder de hand: steek je hand plat voor je uit, met de handpalm richting de vloer. Buig vervolgens de duim onder de handpalm en raak de pink aan. Houd dit 5 seconden vast en herhaal dit een aantal keer per hand.

     

    3. Het strekken van de armen, nek en schouders:

     

    • Armen oprekken: Buig je rechterarm achter je rug. Draai vervolgens je hoofd naar links, zodat je het voelt oprekken in je rechterschouder.
    • De nek oprekken: Ga rechtop zitten. Houd de rechterschouder omlaag en buig je hoofd naar voren, iets naar rechts. Houd dit 5 seconden vast en herhaal dit een aantal keer met beide schouders.

     

    Wat heeft Disporta u te bieden?

     

    Disporta heeft diverse braces is het assortiment, die zeer geschikt zijn voor patiënten met een carpaal tunnel syndroom. Deze braces zorgen voor stevigheid en extra bescherming bij klachten die patiënten ervaren.

     

     

    Vond u deze blog interessant en wilt graag op de hoogte worden gehouden van de nieuwste blogs? Schrijf u dan nu in voor de nieuwsbrief en volg ons op Facebook en LinkedIn!

     

     

     

    Laatste updates over acties en nieuws omtrent fysio, sport, fitness en gezondheid

    Recente artikelen